Beschikking van de Commissie van 20 mei 1998 betreffende de door Frankrijk aan de groep Crédit Lyonnais verleende steun (kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 1454) (1)

Extract


Beschikking van de Commissie van 20 mei 1998 betreffende de door Frankrijk aan de groep Crédit Lyonnais verleende steun (kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 1454) (1)

NL Publicatieblad van de Europese GemeenschappenL 221/28 8. 8. 98

[SS07] [SS07]

II

(Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing)

COMMISSIE

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 20 mei 1998

betreffende de door Frankrijk aan de groep Crédit Lyonnaisverleende steun

(kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 1454)

(Slechts de tekst in de Franse taal is authentiek)

(Voor de EER relevante tekst)

(98/490/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESEGEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de EuropeseGemeenschap, inzonderheid op de artikelen 92 en 93,

Gelet op de Overeenkomst betreffende de EuropeseEconomische Ruimte, inzonderheid op de artikelen 61 en62,

Na de belanghebbenden overeenkomstig voornoemdeartikelen te hebben aangemaand hun opmerkingen temaken (1),

Overwegende hetgeen volgt:

1. INLEIDING

Crédit Lyonnais, hierna ook "CL" genoemd, is een open-bare financiële groep die werkzaam is in het bankwezen.Zij ondervindt sinds 1992 ernstige moeilijkheden,hetgeen de staat ertoe heeft gebracht haar in 1994 steunte verlenen in de vorm van een kapitaalverhoging en hetopzetten van een afstotingsconstructie waarin voor onge-veer 40 miljard FRF onroerende activa werden ondergebracht. In 1995 werden andere activa in deze constructieafgesplitst, voor een totaalbedrag van ongeveer 190 miljard

FRF (2); de verliezen hierop werden gedekt door eengarantie van de staat. Deze maatregelen vormen het voorwerp van Beschikking 95/547/EG van de Commissie,waarbij zij op 26 juli 1995 heeft besloten de betrokkenstaatssteun goed te keuren, mits de nettokosten voor destaat niet meer bedroegen dan 45 miljard FRF (3). Wegensde verslechtering van de financiële situatie van CLhebben de Franse autoriteiten in september 1996 dringende steunmaatregelen ten bedrage van bijna 4 miljardFRF aan de Commissie voorgelegd, teneinde ernstigenegatieve gevolgen te vermijden. Op 25 september 1996besloot de Commissie de dringende steun goed te keurenen tegelijkertijd ten aanzien van de overige voorgenomenmaatregelen, gericht op het herstel van CL, een procedurein te leiden (4); zij zou in het kader van deze procedurealle herstructureringsmaatregelen ten gunste van CL ophun verenigbaarheid toetsen, op basis van alle relevanteelementen - ook die waarop Beschikking 95/547/EGberustte en de daarin aan Frankrijk opgelegde verplichtingen - en met inachtneming van alle nieuwe feitelijkeelementen, waaronder de niet-nakoming van bepaaldevoorwaarden, de voorgenomen nieuwe maatregelen en deaanvullende tegenprestaties.

Op dezelfde dag heeft Commissielid Van Miert ministerArthuis een brief toegezonden waarin hij hem liet wetendat het onderzoek van het nieuwe herstructureringsplan

(1) PB C 390 van 24. 12. 1996, blz. 7.

(2) Waaronder de 40 miljard FRF aan activa die in 1994 warenafgesplitst.

(3) PB L 308 van 21. 12. 1995, blz. 92.(4) PB C 390 van 24. 12. 1996, blz. 7. Dit besluit werd bij briefnr. SG (96) D/9029 van 16 oktober 1996 ter kennis van deFranse autoriteiten gebracht.

8. 8. 98

voor de bank onvermijdelijk moeilijkheden deed rijzen,gezien het uiterst hoge bedrag van de reeds door deCommissie goedgekeurde steun, en dat het bijgevolg nietmogelijk was vooruit te lopen op de eindbeslissing indeze zaak. De Franse autoriteiten hebben de brief waarbijzij van de inleiding van de procedure van artikel 93, lid 2,van het Verdrag in kennis werden gesteld, met name metde volgende brieven beantwoord:

- een brief van 8 november 1996, waarbij een analysevan het eerste herstelplan, de geconsolideerde rekeningen van CL en het Consortium de Réalisations,hierna "CDR" genoemd, per juni 1996, een notitieover de interne beheers- en controlesystemen van CLen een notitie over de gedeeltelijke effectisering vande lening aan het Établissement Public de Financement et de Restructuration, hierna "EPFR" genoemd,waren gevoegd;

- een brief van 23 mei 1997, waarbij onder meer hetontwerpjaarverslag van CL over het boekjaar 1996 wasgevoegd;

- een brief van 31 juli 1997, waarbij de Franse autoriteiten de Commissie het herstructureringsplan voor debank hebben doen toekomen waarom zij hun bij deinleiding van deze procedure had verzocht.

Commissielid Van Miert heeft nog andere brieven tot deFranse autoriteiten gericht, met name op 25 juni 1997,om uiting te geven aan de bezorgdheid van de Commissieover de vertraging bij de toezending van het nieuweherstructureringsplan voor de bank, en op 16 oktober1997, om uiteen te zetten op welke beginselen deCommissie zich zou baseren om in deze zaak een beslis-sing te nemen. Op 31 maart 1998 heeft de minister vanEconomische Zaken, Financiën en Industrie, de heerStrauss-Kahn, een brief tot Commissielid Van Miertgericht, waarbij hij hem op de hoogte bracht van denieuwe maatregelen die de Franse regering bereid was tenemen met het oog op een voorwaardelijke goedkeuringvan de steun voor CL. Op 2 april 1998 heeft de heer VanMiert met de instemming van de Commissie een brief totde heer Strauss-Kahn geric...

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Gesponsorde links




ver las páginas en versión mobile | web

ver las páginas en versión mobile | web

© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.

Inhoud van vLex Europese Unie

Verken vLex

Voor professionals

Voor Partners

Bedrijf